KAPPER ZONDER GRENZEN

Een fris kapsel voor iedereen

TEKST YVES PETERS BEELD JACQUELINE DUMORTIER
Kapper Rami in de Noordstraat biedt al vier jaar knipbeurten aan voor wie het iets moeilijker heeft. Elke eerste maandag van de maand mag je kiezen hoeveel je betaalt. Iedereen is welkom, maar mensen die het niet zo breed hebben, krijgen voorrang. Wij bezochten de warme kapper met het grote hart op zijn speciale knipdag in maart.

Rami is overtuigd: “Ik vind dat iedereen recht heeft op een fris kapsel.” Het gaat om meer dan om zomaar een knipbeurt. De mensen zien er verzorgder uit, wat goed is voor hun zelfbeeld en hun gevoel van eigenwaarde. “Als ik hun haar heb geknipt en het is proper, hebben ze meer kans om werk te vinden. Dat vind ik heel belangrijk”, legt Rami uit. De klanten betalen wat ze kunnen missen, en als een dakloze zijn haar wil laten knippen, dan doet Rami dat gratis. Zonder uitzondering verschijnt een brede glimlach op het gezicht als de mensen het keurige resultaat zien in de spiegel. Stralend stappen ze de kapperszaak buiten, klaar om er weer tegenaan te gaan.

Rami Jemaa weet maar al te goed hoe het voelt om arm en dakloos te zijn, met weinig hoop voor de toekomst. Hij werd geboren in een vluchtelingenkamp in Damascus, als zoon van Palestijnen die de oorlog met Israël ontvluchtten. Hij groeide er ook op; op zijn 14e ging hij in de leer bij een plaatselijke kapper, en op 17-jarige leeftijd begon hij een eigen kapperszaak. Toch voelde hij zich gevangen. “In Syrië had ik geen vrijheid, ik kon daar niet leven. Hier in Gent mag ik zeggen wat ik wil, hier ben ik thuis.” In 2009, nog voor de oorlog uitbrak, ontvluchtte Rami in een gammel bootje het repressieve regime van Bashar al-Assad. Intussen is zijn familie door de oorlog in Syrië over Europa verspreid geraakt. Rami heeft één broer in Nederland, één in Oostenrijk, een zus in Brussel, en na lang aarzelen is ook zijn vader overgekomen. Een andere broer is in Syrië achtergebleven, maar niemand weet waar hij is: hij is vermist.

Via het Griekse eiland Lesbos belandde Rami in België waar zijn zus reeds woonde. Drie jaar en drie maanden verbleef hij in een Gents opvangcentrum. Rami’s eerste asielaanvraag werd afgewezen; bij de tweede poging werd hij uiteindelijk toch erkend als vluchteling. Oorspronkelijk mocht hij echter zijn beroep niet uitoefenen. “Ik vond het vreemd dat ik een getuigschrift nodig had om mij als kapper te vestigen”, legt hij uit. Na het inburgeringstraject te hebben afgewerkt, volgde hij taallessen Nederlands en conversatielessen in het Huis van het Nederlands, nam hij deel aan de interculturele ontmoetingen van Dzjambo, en vervolmaakte hij de voltijdse dagopleiding kapper aan SYNTRA. Vastbesloten om hard te werken en een nieuw bestaan op te bouwen, opende Rami zijn kapsalon in de Brugse Poort.

Dat verliep niet meteen van een leien dakje. Het eerste half jaar had Rami weinig klanten, maar toen begon zijn zaak steeds beter te lopen. Daarop besloot hij om de eerste maandag van de maand daklozen, vluchtelingen en andere kwetsbare mensen een knipbeurt te geven voor een vrije bijdrage. Nu heeft Rami op zijn beurt een kapper uit Syrië in dienst genomen via tewerkstelling door het OCMW. Daar stopt Rami’s engagement niet. Verleden jaar werd hij een van de ambassadeurs van de Refugee Walk, het initiatief van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. Als “Kapper Zonder Grenzen” keerde hij terug naar het vluchtelingenkamp in Lesbos en reside ook naar dat in Duinkerken, waar hij het haar van minstens 30 mensen per dag knipte. Jaren geleden stond Rami zelf in de schoenen van de vluchtelingen die daar nu in erbarmelijke omstandigheden trachten te overleven.

Of Rami hier graag woont? “Ik zag Gent, en ik werd verliefd op de stad.” Wat hem aantrekt in Gent, is dat het een mooie stad is, een rustige stad, en hij houdt van de twee rivieren die er samenkomen. Hij hoopt dat zijn initiatief meer kappers, horecazaken, en zelfstandigen in het Gentse inspireert om gelijkaardige projecten op te zetten. Zelf vindt hij het belangrijk om mensen in moeilijkheden te motiveren en hen een duwtje in de rug te geven. “Ik wou graag iets teruggeven aan Gent, omdat de stad in mij heeft geïnvesteerd. Als je iets goed doet voor anderen, dan is dat voordelig voor de hele gemeenschap. En als ik later sterf, wil ik herinnerd worden als een goed mens.”

Bronnen: AVS, Vluchtelingenwerk Vlaanderen, Syntra Midden-Vlaanderen
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: